De subtiliteit van een drilboor

De strategie onder Eisenhower (1)

De defensiebegroting van de VS was naar aanleiding van NSC-68 en de oorlog in Korea gestegen van 13 miljard naar meer dan 50 miljard dollar. Dit was volgens Eisenhower niet vol te houden zonder verwoestende effecten op de economie. Een nieuwe visie op defensie (new look) was gewenst, maar bleek niet zo eenvoudig te realiseren. Een eerste opdracht van Eisenhower aan de nieuw benoemde JCS (Joint Chiefs of Staff) om voorstellen tot bezuiniging te doen, leverde weinig op. De JCS moesten immers met alle scenario’s rekening houden: een beperkt conflict van korte duur, een langdurige oorlog zoals in Korea, en een kernoorlog. Als de kernwapens vrijgegeven zouden worden voor normale inzet, zou de strategie veel goedkoper kunnen. Kernbewapening had immers een economisch motief. Kernwapens waren wel hightech maar veel goedkoper dan conventionele strijdkrachten. Maar het inzetten van kernwapens was een politieke beslissing en daarmee legden de JCS de bal weer netjes terug bij de president.

Deze politieke beslissing kwam toen na veel intern overleg NSC-162/2 op 30 oktober 1953 werd goedgekeurd. Het nieuwe beleidsdocument was niet erg positief over de mogelijkheid van toenadering tot het Oostblok. Anders dan in eerdere documenten werd nu niet meer gesproken over specifiek gevaarlijke jaren. Maar het agressieve beleid van de Sovjet-Unie zou volgens de inschatting van het document niet veranderen, ook al heerste er nu verwarring vanwege het overlijden van Stalin. Werkelijke concessies had de Sovjet-Unie immers nog niet gedaan. De openingen die geboden waren, hadden weinig om het lijf en waren vooral bedoeld als propaganda om de harde lijn van het westen aan de kaak te kunnen stellen. Het nachtmerriescenario van een verrassingsaanval met kernwapens bestond nog wel, maar leek voor de komende jaren niet waarschijnlijk – al kon een oorlog altijd ook door een misrekening of een misverstand uitbreken. Daarom had de VS een sterke strijdmacht nodig met een massieve vergeldingskracht, waarbij kernwapens tot het normaal te gebruiken arsenaal behoorden. De VS en haar bondgenoten moesten paraat staan om Sovjet-agressie af te weren en verbindingen veilig te stellen. Van de bondgenoten werd meer inspanning op het gebied van conventionele bewapening verwacht. Zij kregen een veiligheidsgarantie van de VS. Er moest voor de VS in het ergste geval een potentieel tot industriële mobilisatie blijven, beschermd tegen vernietigingsaanvallen en voldoende groot om in een algehele oorlog de overwinning te kunnen garanderen. Het document bepaalde dat een sluitende begroting en een gezonde economie beide van wezenlijk belang waren voor de nationale veiligheid van de VS.

NSC-162/2 was natuurlijk geheim (het document werd in 1984 vrijgegeven). In een op 12 januari 1954 in New York voor de Council on Foreign Relations gehouden toespraak maakte minister van buitenlandse zaken Dulles de nieuwe strategie bekend. Niet de vijand zou meer bepalen waar en met welke middelen gevochten werd, maar de VS zelf. Vicepresident Nixon had in de NYT van 14 maart 1953 ook een duit in het zakje gedaan: wij laten ons niet meer opknabbelen in kleine oorlogen over heel de wereld, maar maken voortaan zelf de dienst uit. Het in bedwang houden van de communistische tegenstander, containment, werd nu opgeschaald tot deterrence, afschrikking. De VS zou de tijd en de plaats van haar reactie op agressie niet meer door de tegenstander laten bepalen maar zelf beslissen hoe, waar en met welke middelen agressie tegen haar zelf of tegen haar bondgenoten zou worden afgestraft. Er kwamen nogal wat geschokte reacties op deze spierballentaal. De VS kon dit wel stellen in de situatie van een nucleair monopolie. Maar de Sovjets hadden de Bom nu ook en waren met een inhaalslag bezig. Wat zou er moeten gebeuren in een situatie van nucleair evenwicht: zou de VS ter wille van een aangevallen bondgenoot een kernoorlog beginnen en daarmee haar eigen vernietiging riskeren? Nucleaire precisie komt neer op een tandarts die een drilboor hanteert.

Een paar maanden later bracht Dulles in een artikel in Foreign Affairs enige nuancering in zijn eerdere uitlatingen aan. Om effectief op agressie te kunnen reageren, moest de VS meer pijlen op haar boog hebben dan algehele oorlog. Een plaatselijk conflict in Azië hoefde niet noodzakelijkerwijs uit te lopen op atoombommen op industriële centra in China of in de Sovjet-Unie – zo lang het voor de tegenstander maar duidelijk was dat de baten van agressie nooit zouden opwegen tegen de lasten ervan. Hoe de vrije wereld exact op agressie zou reageren, diende de tegenstander niet van te voren te weten. Als hij maar wist dat de keuze aan de VS was. Deze nuancering is later door de NSC ook geformaliseerd, maar de dreiging van massive retaliation, algehele vergelding, bleef boven de wereld hangen.

Het werd ondanks alle bondgenootschappelijke verzekeringen duidelijk dat de bondgenoten van de VS nooit meer dan junior partner zouden zijn, zelfs als zij zoals de Britten over eigen kernwapens beschikten. Dezen hadden in 1955 tien eigen kernwapens en in 1956 veertien, en waren voor het krijgen van meer kernwapens van de VS afhankelijk, ondanks alle fraaie termen als interdependentie en wederzijdsheid. Het had er veel van weg dat de VS zich bereid verklaarde te strijden totdat de laatste West-Europeaan het leven er bij ingeschoten had. Was massive retaliation wel iets anders dan het strategische equivalent van een cowboyfilm met bijbehorende schietpartijen? Een werkelijk effectieve strategie zou subtieler moeten zijn.

De wereld was immers bezig te veranderen. Op een van zijn vele persconferenties (7 april 1954) gebruikte Eisenhower naar aanleiding van het strategische belang van Indochina het beeld van dominostenen op een rij: valt er één om, dan valt de hele reeks. Indochina was belangrijk vanwege de grondstoffen: rubber, tin en wolfraam. Zou het gebied voor het communisme kiezen, dan kwam Japan in een exportcrisis terecht en zou dat land om economisch te overleven ook tot het communistische blok moeten toetreden. Zo had Azië al honderden miljoenen mensen aan de communistische dictatuur verloren. “Wij kunnen ons niet nog meer verliezen veroorloven”, zei Eisenhower. Daarmee was Azië met een zekere vanzelfsprekendheid ingelijfd in de invloedssfeer van de VS. Wat Azië of Indochina daar zelf van vonden, werd niet gevraagd. Zat de wereld werkelijk zo zwart-wit in elkaar dat alles terug te voeren was op de spanning tussen de VS en de Sovjet-Unie? Viel de Volksrepubliek China zonder meer onder de leiding van Moskou? In dat geval kon men inderdaad volstaan met een eendimensionale strategie van massieve vergelding en een simpel arsenaal van kernwapens.

Er was echter een dekolonisatieproces bezig en dat maakte de situatie minder overzichtelijk. Juist de bondgenoten van de VS ondergingen de afbraak van hun koloniale rijken. Enerzijds wilde de VS Groot-Brittannië en Frankrijk niet als bondgenoten kwijtraken. Anderzijds wenste zij niet met het kolonialisme onder een hoedje te spelen omdat dit haar de sympathie van de nieuwe zelfstandige landen zou kosten. Het bestaan van twee machtsblokken werd achterhaald door het ontstaan van een “derde wereld” van landen die met een nieuw zelfbewustzijn en nationalisme hun plek opeisten. Dit vormde een aantasting van de wereld zoals Eisenhower deze zag en probeerde te bewaren. Opkomende landen gingen niet zonder meer uit van de voordelen van de Pax Americana. Twee werelden moesten gaan wedijveren om de hand van de derde wereld – maar daarmee werd het Zuiden bekeken door de bestaande bril van Oost en West.

Het was de vraag of het Zuiden daar werkelijk belang bij had. De VS wist zich met dit opkomend nationalisme geen raad: het nationalisme werd voor communisme aangezien en bestreden. De VS keek naar de wereld door de troebele lens van de Koude Oorlog en legde de derde wereld uit in de kaders van de eerste en tweede wereld. Daarom wist de VS zich slechts bij weinige – en vaak verkeerde – landen geliefd te maken en kan het buitenlands beleid van Eisenhower meer als mislukt dan als bewonderenswaardig worden getypeerd. Daarover meer in de volgende bijdragen.

Gepubliceerd door dsdiederik

Emeritus predikant met liefde voor geschiedenis. Muzikaal taalkunstenaar. Schrijft over Koude Oorlog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: