Hande(rs)lingen (11)

Ga meteen naar beneden (kom van dat dak af), Handelingen 10 : 20

Een Bijbelverhaal in drie bedrijven. Ik neem die indeling dus over. Of zijn het eigenlijk vier bedrijven, waarvan het laatste nog geschreven moet worden? We zullen zien.

Eerste bedrijf van dit verhaal: Cornelius. Een heidense officier, centurio, honderdhoofdman. Italiaanse cohort: niet het Gemenebest, maar Britser dan Brits (zouden wij vandaag zeggen). Geen Jood geworden, niet besneden, geen proseliet. Maar wel sympathisant, vriend. In de kerkorde van de PKN staat dat de gemeente ook tot haar gemeenschap rekent degenen die blijk geven van verbondenheid met de gemeente. In de wandelgangen heet dat: blijkgevers. Ze geven blijk van de verbondenheid met de gemeente. De gemeente is breder dan alleen maar haar leden. Cornelius is zo’n blijkgever avant la lettre: hij is geen lid van de Joodse gemeenschap maar bidt veelvuldig tot de God van Israël en geeft veel geld aan het volk. Overdreven veel, zou je bijna vragen. Om goed te maken dat hij geen lid is geworden, maar halverwege is blijven steken? Maar God denkt niet zo in helen en halven als wij vroeger wel eens deden. De gemeente heeft geen strakke en gesloten grenzen: je bent er óf in óf uit. Elk lid is een blijkgever, maar niet elke blijkgever is lid.

Ineens staat er een engel bij centurio Cornelius. Omstreeks het negende uur, vertelt Lucas erbij. En we denken even terug aan Lucas’ eerste boek, het evangelie. Omstreeks het negende uur, na drie uren duisternis, stierf de Here Jezus (Lucas 23 : 44 v.) Het gordijn van de tempel scheurde doormidden. God hoeft niet meer apart te wonen in een heilig huisje met dichte gordijnen. Nu de Here Jezus zijn leven heeft gegeven, kunnen God en de wereld weer door één deur. Een Romeinse centurio die het bevel voert (een collega van Cornelius) zegt: werkelijk, deze mens was een rechtvaardige.

Precies op dat uur, vertelt Lucas in zijn tweede boek, komt een engel bij Cornelius. Al jouw gebeden zijn gezien door God, geteld, gewogen. Voor God hoort Cornelius er helemaal bij. En Cornelius springt bij wijze van spreken meteen in de houding (zoals een militair betaamt) en apostelt (stuurt) drie mensen op aanwijzing van de engel naar Petrus. Toch een beetje de omgekeerde wereld: de heidense hoofdman apostelt naar een van de apostelen, naar Petrus. Op het negende uur sterft de Here Jezus. Op het negende uur wordt in Handelingen 3 een verlamde mens op de been geholpen. Op het negende uur begint voor Cornelius een nieuw leven. Goed Bijbellezen is ook: een beetje tussen de regels door lezen. Zo vaak kijkt Lucas nu ook weer niet op zijn horloge, zo vaak geeft hij geen tijdsaanduiding…

En dan is het eerste bedrijf van het verhaal al voorbij. Kort en krachtig. Het gaat haast moeiteloos. Aan Cornelius hoeft God verder geen energie te verspillen. Dat wordt in het tweede bedrijf – dat gaat over Petrus – heel anders. Kijk maar mee. Ik denk even terug aan de roeping van Samuël (1 Samuël 3). Wat komt God er moeilijk doorheen bij de priester Eli. Pas bij de dérde keer dat God roept komt Eli, die natuurlijk vóór de waarheid is, ook áchter de waarheid: hé, de Here God kon wel eens aan het roepen zijn. Vier keer wordt Samuël geroepen, de vierde keer geeft hij antwoord. Nu ja, zegt de schrijver, er klonken in die tijd zelden woorden van de HEER en er braken geen visioenen door. Maar in het boek Handelingen horen we over de ene doorbraak na de andere, het ene wonder na het andere. Vreemdelingen worden gedoopt, verlamden springen rond, doden worden opgewekt, vervolgers (Saulus) worden krachtdadig bekeerd. De Heer komt er wel door, en hoe! – maar nu blijft Hij bijna steken op Petrus…

Het tweede bedrijf speelt een dag later dan het eerste. Qua uren speelt het vroeger dan het eerste. We schuiven terug van het negende uur naar het zesde, het middaguur. Ook daarbij mag je terugbladeren naar het eerste boek van Lucas, het evangelie. Rond het middaguur werd het donker in het hele land doordat de zon verduisterde. De duisternis hield drie uren aan. Op dat moment zit het tempelgordijn nog keurig aan elkaar en zit God in het heilige der heiligen pot- en luchtdicht opgeborgen (tenminste, zo geloven de mensen dat). Het kan alle kanten nog op, de hele onderneming rond Jezus kan nog mislukken. Zal Jezus zijn weg in gehoorzaamheid volbrengen en voltooien? Of zal Hij alleen zichzelf redden en ons niet? Golgotha is geen spelletje, een opvoering waarvan de goede afloop al vast staat. Op het middaguur kan het nog helemaal mis gaan.

Op dat middaguur gaat Petrus naar het dak van het huis om te bidden. Onder de open hemel, ongestoord door de mensen. Op dat middaguur moet Petrus nog ontdekken wat op het negende uur allang geschied is: het tempelgordijn gescheurd, het onderscheid tussen rein en onrein opgeheven, er is geen apart en afzonderlijk volk van God meer. Hoe zal dat gaan met Petrus? God moet veel meer moeite doen om Petrus over de streep te trekken dan bij Cornelius. Bij Cornelius was God zomaar klaar. Maar bij Petrus…

Een tafereel, en drie keer de stem van God. Een klein stukje hemel op aarde, waarin alle dieren (rein en onrein) door elkaar krioelen en de mens mag slachten en eten (over megastallen heeft de hemel het trouwens niet). De leeuw en het lam zijn samen aan het klaverjassen (of kwartetten, als u klaverjassen te werelds vindt). Het onderscheid tussen onrein en rein geldt niet meer – niet bij de dieren en helemaal niet meer bij de mensen. Drie keer die stem van God: wat God rein heeft gesproken, zul jij niet als verwerpelijk beschouwen. En Petrus zegt niet, zoals Cornelius: ja, tot uw orders. Petrus zegt glashard, met een beroep op de oude tradities: néé. Nee, Heer, in geen geval, want ik heb nog nooit iets gegeten dat verwerpelijk of onrein is. Petrus is het negende uur vergeten en heeft bij wijze van spreken het gescheurde tempelgordijn weer netjes aan elkaar genaaid. Want zóver kan God toch niet gaan en zóver kan zijn liefde toch niet reiken?

Drie keer de stem van God. En Eli wist toen hoe laat het was en wees de jonge Samuël de weg. Petrus niet. Petrus vroeg zich verbijsterd af wat de betekenis kon zijn van het visioen dat hij had gezien. Hij zit nog steeds te prakkezeren wat God nu eigenlijk bedoeld kan hebben, want God kan natuurlijk helemaal niet bedoelen wat Petrus allang op zijn klompen kan aanvoelen. En op dat moment gaat beneden de bel – en moet de Geest tegen hem zeggen: kom van dat dak af, want Ik heb die drie mensen naar jou toe geaposteld. Na Golgotha kunnen de oude teksten mensen niet meer uitsluiten en komen alle keurige indelingen op de helling te staan.

In Handelingen 8 heeft Filippus, een van de zeven oer-diakenen, de hoveling uit Ethiopië (die wij vroeger de kamerling uit Morenland durfden te noemen) zonder omhaal van woorden gedoopt. God was in Handelingen 8 allang de grens over. Filippus wordt door de Geest weggehaald voor een nieuwe taak, zelfs in keizerstad Caesarea. Twee hoofdstukken later moet God alles uit de kast halen om Petrus naar Caesarea te krijgen – en Filippus was daar al in Handelingen 8. In Handelingen 9 staat te lezen hoe Saulus Paulus wordt. In Jeruzalem wordt de grond te heet onder zijn voeten en hij wordt naar Caesarea gebracht. God is de grens naar de keizerstad Caesarea allang over, en zijn mensen ook. Maar Petrus moet door heel veel mitsen en maren heen voordat hij ook eindelijk in Caesarea aankomt. Op de vierde dag, eigenlijk een dag te laat – want in de Bijbel geschieden de werkelijk belangrijke dingen altijd op de derde dag. Beter laat dan nooit, zullen we maar zeggen…

Derde bedrijf. Petrus in Caesarea, eindelijk. En een heleboel woordjes. Waarin Petrus nog eens extra zijn aarzelingen en problemen onder woorden brengt – alsof hij zichzelf overtuigen moet, alsof hij zichzelf toch nog rechtvaardigen moet nadat God hem over de streep heeft getrokken. Het lijkt wel een compleet doopformulier – alsof God door de doop niks kan zeggen als wij het niet van te voren met de woordjes van het doopformulier en het doopgebed helemaal hebben uitgelegd. Het lijkt het tafelgebed bij het Avondmaal wel: een heel lange aanloop met heel veel teksten, want het moet compleet – terwijl Here, zegen deze spijze, Amen ook zou kunnen. En Petrus nog steeds bezig de woordjes en de zinnen aan elkaar te rijgen alsof het niets kost – terwijl Petrus nog aan het woord was, daalde de Heilige Geest neer op iedereen… Maar dat is veel te deftig en keurig vertaald. Letterlijk staat er: de Geest viel naar beneden. Hij sprong van de trap af en kon niet meer wachten. Hij pakt Petrus en alle aanwezigen bij de lurven met een geweldige doorbraak, een herhaling van Handelingen 2. Soms duurt ook God de preek te lang. Niet meer op balbezit spelen en ter zake komen. Bijna grappig: God onderbreekt zijn eigen apostel, die moeizaam bezig is Hem uit te leggen.

Kennelijk is Petrus dan nog steeds niet over de streep. En hij gaf opdracht hen te dopen in de naam van Jezus Christus. In dit geval had het toch voor de hand gelegen dat Petrus Cornelius en de zijnen zélf gedoopt had – als erkenning van Gods werk. Nu kijkt het net alsof hij zijn handen er nog steeds van af trekt, alsof hij schone handen wil houden – en dat kan bij doopwater toch niet?

Vierde bedrijf: hoe maak je het verhaal af? Want dat is vaker zo bij Lucas: je moet zelf voor het vervolg zorgen. Ik herken dit in Petrus: blijven steken bij waar God was, en nooit de grens overgaan naar waar God is en waar Hij zal zijn. God beweegt – maar wij sluiten Hem in het boek Handelingen op, alsof God nooit anders mag bewegen dan zwart op wit staat. Kennelijk zit God toch niet zo aan teksten en waarheden vast als wij. Pas op dat je niet achterloopt: het is (al) het negende uur.

Gepubliceerd door dsdiederik

Emeritus predikant met liefde voor geschiedenis. Muzikaal taalkunstenaar. Schrijft over Koude Oorlog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: