De CIA-staatsgreep in Guatemala (1954)

Van de ene crisis naar de andere

In Latijns-Amerika maakte Guatemala, dat in het noorden aan Mexico grenst, een periode van hervormingen door. Deze hervormingen waren broodnodig. De maatschappelijke ongelijkheid in Latijns-Amerika was het grootst in Guatemala. De lokale bevolking was voor het grootste deel ongeletterd en had een levensverwachting van nog geen 40 jaar. 70% van de bevolking moest van de landbouw leven, en slechts 10% van de grond was voor die landbouw geschikt. Een kleine minderheid van 2% van de eigenaren had 60% van het landbouwareaal in handen.

Een van de grootste landeigenaren, die een aanzienlijk deel van haar land braak liet liggen, was de United Fruit Company (UFC). Zij verschafte werk aan 40.000 mensen en had via een netwerk van zuster- en dochterbedrijven het monopolie op de handel in koffie en bananen, het (bescheiden) spoorwegnet, de elektriciteitsproductie, de communicatie, de havens en de scheepvaart. De onderneming had een voor haar zeer gunstige belastingovereenkomst met Guatemala gesloten. Het netwerk van de onderneming viel in Washington bijna samen met de who is who-lijst van het State Department. Het vroegere advocatenkantoor van John Foster Dulles had de onderneming als cliënt. Zijn broer Allen Dulles kende het bedrijf omdat hij in de board of trustees gezeten had. De secretaresse van Eisenhower was getrouwd met de directeur voor public relations van de UFC. Tussen 1899 en 1935 leverde de onderneming haar aandeelhouders een gemiddeld jaarlijks rendement van 18% op.

In 1944 dwong de bevolking van Guatemala de dictatuur door een algemene staking tot aftreden. Een junta, geleid door onder anderen kapitein Arbenz, bereidde democratische verkiezingen voor. Deze werden gewonnen door de vooraanstaande schrijver en docent Arevalo. Deze eerste democratisch verkozen president, die jarenlang als balling in Argentinië had doorgebracht, was ook de eerste in het land die zijn termijn gewoon afmaakte. Hij liet zich inspireren door de New Deal van Roosevelt. Het door Arevalo nieuw ingevoerde arbeidsrecht, bedoeld om de verhoudingen evenwichtiger te maken, werd door de landeigenaren en de bovenklasse echter als “communistisch” bestempeld. Ook in het onderwijs en in de gezondheidszorg werden hervormingen doorgevoerd.

In 1951 werd Arbenz zelf tot president gekozen. Het bestaande hervormingsprogramma was voor hem en zijn kiezers niet compleet zonder landhervormingen. In 1952 nationaliseerde zijn regering braakliggend land van de UFC en van andere grootgrondbezitters. 100.000 boeren kregen een eigen lapje grond. Van een communistische machtsgreep was geen sprake; Guatemala probeerde een eigen op het nationale belang gericht beleid te voeren. Toch werd in de VS gereageerd alsof het een communistische machtsovername betrof. De communisten zouden nu voor het eerst een bruggenhoofd op het Amerikaanse vasteland hebben. Arbenz weigerde om een hogere schadevergoeding te betalen dan de lage landwaarde die de UFC zelf (om fiscale redenen) in haar boeken had opgenomen. Hij vond als nationalist de hogere eisen van de UFC onaanvaardbaar en wilde financiële middelen overhouden om deze voor andere hervormingen te kunnen inzetten.

Dulles probeerde als minister van buitenlandse zaken Guatemala internationaal te isoleren. De VS stelde een wapenembargo in. Red Jacobo, de bijnaam die Arbenz in welingelichte kringen kreeg, zou moeten verdwijnen. Het succes van de operatie in Iran zou in Guatemala voor herhaling vatbaar zijn. De UFC organiseerde een grote propagandacampagne: Arbenz zou als communistische agitator van Moskou de opdracht hebben om zich meester te maken van Latijns-Amerika in het algemeen en van het Panamakanaal in het bijzonder. In werkelijkheid wilde de Sovjet-Unie na de dood van Stalin ontspanning in de verhouding met de VS bereiken. Zij wenste daarom de VS niet te provoceren door Arbenz royaal te steunen.

Arbenz kon zijn politie en strijdkrachten niet onbewapend laten. Een Pools vrachtschip leverde op 15 mei 1954 tweeduizend ton oude wapens uit Tsjechoslowakije af. Toen dit bekend werd, wilde de VS alle schepen met bestemming Guatemala op volle zee op wapens inspecteren. Alle Europese landen weigerden echter hun medewerking. Het State Department deed een bericht uitgaan dat door de herbewapening van Guatemala nu Honduras en Nicaragua het risico van een communistische invasie liepen. Dat was meteen een reden om Amerikaanse wapens naar deze landen te sturen. Arbenz verklaarde zich bereid om met de UFC te onderhandelen en vroeg zelfs om een gesprek met Eisenhower. Hij kreeg nul op het rekest: onderhandelen met Washington had geen zin meer.

In het genabuurde Honduras werd op land dat aan de UFC toebehoorde een legertje uit Guatemala afkomstige ballingen door de CIA militair getraind. Het stond onder leiding van de fel anticommunistische kolonel Armas. Toen de rebellen de grens van Guatemala overstaken, voerden door de CIA ingehuurde piloten met CIA-vliegtuigen bombardementen uit op steden in het land. Arbenz droeg het leger op om de volksmilities te bewapenen, maar onder de invloed van de CIA-propaganda weigerden de officieren om hem te gehoorzamen. Op 27 juni 1954 moest hij aftreden. Na een verblijf in de Mexicaanse ambassade vluchtte hij het land uit en kwam hij via Parijs, Zwitserland, Moskou en Uruguay in 1960 in Cuba terecht. Hij stierf in 1971. Veertig jaar na zijn dood kreeg hij volledig eerherstel van de regering van Guatemala.

Eisenhower verklaarde zeer tevreden te zijn over de staatsgreep en minister Dulles verklaarde op 30 juni voor de radio dat de kwaadaardige bedoelingen van het Kremlin waren afgewend. Armas werd de nieuwe president. Hij maakte de landhervormingen meteen ongedaan. Vanwege zijn rol in de staatsgreep kreeg hij een heldenontvangst in New York en een eredoctoraat aan Columbia University (Eisenhower was president van deze universiteit geweest). De burgerrechten in Guatemala werden opgeschort. Velen werden vermoord en duizenden verdwenen achter slot en grendel. De CIA verschafte expertise bij de onderdrukking. De vakbonden en de agrarische beweging werd het leven onmogelijk gemaakt. De sociale wetgeving werd afgebroken en de lonen gingen omlaag. De ontwikkeling en modernisering van het land kwamen, ondanks massieve Amerikaanse hulp, tot stilstand. De hulp werd immers in de burgeroorlog met links geïnvesteerd. Er kwam geen einde aan het bloedvergieten. Armas werd in 1957 vermoord. Een periode van veertig jaar van instabiliteit en burgeroorlog kostte 200.000 inwoners van het land het leven.

Door Latijns-Amerika en Europa ging na de coup een schok. In Chili werd massaal gedemonstreerd. De reactionaire regering van Honduras verloor de verkiezingen. Attlee, nu oppositieleider, zei in het Britse parlement dat de principes waarop de VN berustte geofferd waren op het altaar van het anticommunisme. Gezien de Britse rol in de staatsgreep tegen Iran waren dit oppositionele krokodillentranen; maar als een ander het gezegd had, was het waar geweest. Weer was nationalisme als communisme misverstaan en vervolgens bestreden. De Amerikanen begonnen te geloven in de succesformule van clandestiene operaties. Dit middel was volgens een CIA-rapport uit september 1954 voor herhaling vatbaar: in de strijd met de onverzoenlijke vijand die op wereldoverheersing uit was, golden geen spelregels. Ook de normale menselijke gedragsregels waren niet van toepassing. Wat fair play was, moest heroverwogen worden: wij moeten, zo werd de slogan, onze vijanden ondermijnen, saboteren en vernietigen met nog slimmere middelen dan de methoden die zij tegen ons gebruiken.

Tegelijkertijd begonnen dictators van linkse of rechtse signatuur hun strijdkrachten in de gaten te houden. Wilden zij niet door een militaire staatsgreep ten val komen, dan dienden regering en leger één geheel te vormen. De militaire dictatuur verving de democratie. Op het grondgebied van Guatemala zouden andere ballingen gaan oefenen voor een andere inval: Cubaanse ballingen oefenden voor de invasie in de Varkensbaai om Castro, die in 1959 in Cuba aan de macht gekomen was, ten val te brengen. Wie een dictator uit het zadel wilde lichten, had nu geen staatsgreep, maar een oorlog nodig.

Gepubliceerd door dsdiederik

Emeritus predikant met liefde voor geschiedenis. Muzikaal taalkunstenaar. Schrijft over Koude Oorlog.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: